
Het jaartal doet het meeste werk
Bijna elke vraag over Nederlandse munten valt te beantwoorden met het jaartal. Nederland sloeg kleingeld en guldenmunten lange tijd in zilver, en stapte in de loop van de twintigste eeuw over op nikkel. Dat omslagpunt verschilt per munttype, dus het loont om per soort te kijken in plaats van één peiljaar aan te houden.
Pas als het jaartal binnen een zilveren periode valt, is het zinvol om verder te kijken naar gewicht, gehalte en eventuele verzamelwaarde. Valt het jaartal erbuiten, dan is de munt voor een inkoper materiaaltechnisch oninteressant, hoe zwaar hij ook aanvoelt.
Alle Nederlandse zilveren munten op een rij
Onderstaande tabel gebruikt de vaste specificaties die wij ook bij de taxatie hanteren. Fijnzilver is telkens brutogewicht maal het gehalte, dus 25 gram bij 720 promille geeft 18,00 gram fijnzilver.
| Munt | Periode | Bruto | Gehalte | Fijnzilver |
|---|---|---|---|---|
| Dubbeltje 10 cent | 1848–1945 | 1,4 g | 640‰ | 0,896 g |
| Kwartje 25 cent | 1848–1941 | 3,575 g | 640‰ | 2,29 g |
| Gulden Wilhelmina | t/m 1945 | 10 g | 720‰ | 7,20 g |
| Gulden Juliana | 1954–1967 | 6,5 g | 720‰ | 4,68 g |
| Rijksdaalder Wilhelmina | 1929–1944 | 25 g | 720‰ | 18,00 g |
| Rijksdaalder Juliana | 1959–1966 | 15 g | 720‰ | 10,80 g |
| Tientje 10 gulden | 1970, 1973 | 25 g | 720‰ | 18,00 g |
| Beneluxtientje | 1994 | 15 g | 720‰ | 10,80 g |
| Tientje 10 gulden | 1995–1999 | 15 g | 800‰ | 12,00 g |
| Vijftigje 50 gulden | 1982–1998 | 25 g | 925‰ | 23,125 g |
Wat de tabel niet vangt
- Guldens en kleingeld van vóór 1922 kunnen een hoger gehalte hebben dan de standaard in de tabel. Die beoordelen we per stuk.
- De zilveren dukaat is een handelsmunt waarvan het gehalte per jaargang verschilt. Wij stellen dat bij de taxatie vast in plaats van het te schatten.
- Euro-herdenkingsmunten van 5 en 10 euro zijn regelmatig in 925 zilver geslagen, maar niet allemaal. De uitgifte bepaalt het.
- Een 1967-gulden bestaat zowel in zilver als in nikkel. Alleen de magneettest of een weging geeft uitsluitsel.
Vanaf eind jaren zestig geen smeltwaarde meer
Dubbeltjes, kwartjes, guldens en rijksdaalders die na de overstap op nikkel geslagen zijn, bevatten geen zilver. Ze wegen vaak nog behoorlijk en ogen zilverkleurig, maar voor een inkoper is er niets te wegen. Losse jaargangen kunnen verzamelwaarde hebben, al is dat de uitzondering en niet de regel.
Dat is meteen de reden waarom een volle spaarpot met naoorlogs kleingeld zelden iets oplevert, terwijl een handvol vooroorlogse kwartjes wel meetelt. Het gaat niet om het aantal munten, maar om het fijnzilver dat erin zit.
Twijfelgevallen zelf uitsluiten
De magneettest
Zilver is niet magnetisch. Blijft een sterke magneet plakken, dan is het geen zilveren munt. Dit sluit nikkelen naoorlogse munten in één beweging uit en kost je vijf seconden.
Het gewichtsverschil
De zilveren en de nikkelen versie van dezelfde nominale waarde wegen niet hetzelfde. Een keukenweegschaal met een nauwkeurigheid van een tiende gram laat het verschil al zien: leg de munt naast het brutogewicht in de tabel hierboven en wijkt hij duidelijk af, dan klopt de aanname niet.
Rand en randschrift
De zwaardere zilveren omloopmunten hebben een bewerkte rand met inscriptie. Een gladde of afwijkend gekartelde rand op een munt die volgens het jaartal zilver zou moeten zijn, is reden om hem apart te leggen voor de taxatie.
Van fijnzilver naar euro
Heb je het fijnzilvergewicht, dan is de rest rekenwerk. Een Wilhelmina-rijksdaalder bevat 18,00 gram fijnzilver. Bij een koers van de actuele koers komt de smeltwaarde daarvan uit op ongeveer —. Voor een vijftigje van 23,125 gram fijnzilver kom je op zo'n —.
Ligt de verzamelwaarde hoger dan de smeltwaarde, dan telt die. Munten in originele verpakking of in ongebruikte staat leggen we daarom apart in plaats van ze mee te wegen met de rest.
Veelgestelde vragen
Zijn alle euro's van zilver?
Nee. De circulatie-euro's zijn van koper-nikkel of messing. Alleen speciale herdenkingsuitgiftes, vaak 5 of 10 euro in cassette, zijn in 925 zilver geslagen.
Wat is een gulden uit 1970 waard?
Die is nikkel en heeft geen smeltwaarde. Een zilveren tientje uit 1970 is wél zilver, met 18,00 g fijnzilver, en heeft daarnaast verzamelwaarde.
Mijn oma had een muntboekje — wat doe ik?
Laat het integraal bekijken. Sommige boekjes bevatten één duur stuk waardoor de hele set veel meer waard is dan het zilvergewicht.
Verder lezen
- Hoeveel zilver zit er in een gulden of rijksdaalder? — Niet elke jaargang is zilver — hier de exacte specs.
- Welke tientjes en vijftigjes zijn van zilver? — Herken de zilveren jaargangen van 10 en 50 gulden.
- Smeltwaarde vs verzamelwaarde — De vuistregel: hoogste van de twee — niet automatisch smelt.
- Bekijk alle muntcategorieën